het is in sommige gevallen een complexe legpuzzel om tot passende stapelfinanciering te komen. eerst moeten de huidige en toekomstige financieringsbehoeften in beeld gebracht worden, waarna het zoeken is naar een passende combinatie van financieringen. de meest voorkomende vorm van stapelfinanciering is bancaire financiering in de vorm van een lening en/of rekening-courantkrediet in combinatie met leasing. aandachtspunt bij deze combinatie: het geleasete object valt onder het pandrecht van de lessor, maar de bank heeft meestal ook een pandrecht op huidige en toekomstige activa. daar begint het gepuzzel, want je schaadt de belangen van een van de partijen als je hier niet juist handelt. als een aangegane leaseverplichting het pandrecht van een bank aantast, moet er een oplossing worden gevonden in een akkoord van de bank met een specifieke vrijgave van pandrecht.
grip op de zaak
meerdere financiers hebben hun eigen belangen te verdedigen. sommige willen grip hebben op zekerheden of kasstromen. banken hebben bijvoorbeeld standaard de negative pledge opgenomen. zo’n negative pledge betekent dat de klant (ondernemer) verklaart geen activa te zullen bezwaren ten behoeve van derden, zonder voorafgaande toestemming hiervoor van de financier.
in de komende fiscasussen zullen we verschillende combinaties van stapelfinancieringen bespreken, die toepasbaar zijn voor de ondernemer.