de werkneemster is door het uwv in staat geacht om functies te vervullen met een arbeidsomvang tussen de 36 en 38,54 uren per week. afgezien van het feit dat de centrale raad van beroep in een recente uitspraak oordeelde dat die dagbehandeling op indicatie van de behandelend psychiater wel medisch noodzakelijk was, was de werkneemster door de dagbehandeling feitelijk niet beschikbaar om in de door het uwv gestelde arbeidsomvang te werken. de beslissing van het uwv werd vernietigd.

commentaar

in deze zaak oordeelde de centrale raad van beroep dat het uwv op basis van haar eigen beleidsregels een urenbeperking had moeten stellen, minimaal op basis van verminderde beschikbaarheid voor arbeid. het wordt uit de uitspraak niet duidelijk op basis van welke overwegingen de verzekeringsarts van het uwv tot de beslissing kwam dat er geen medische noodzaak bestond voor een op advies van de behandelend psychiater ingezette dagbehandeling. tegen dit standpunt is in deze kwestie dan ook terecht (hoger) beroep ingesteld. gelet op de doorbelasting van uitkeringen aan – of het verhaal op – werkgevers, heeft deze uitspraak ook voor de werkgever positieve financiële gevolgen.

dit artikel is geschreven door onze adviseur arbeidsrecht en sociale zekerheid, ron van baarlen.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief