bij deze zaak is van belang dat niet in geschil was dat met de stelselwijziging een incidenteel fiscaal voordeel werd beoogd. vervolgens is de stelselwijziging volgens het hof niet in strijd met het goedkoopmansgebruik, omdat er bij het omslagstelsel geen sprake is van een te passiveren pensioenverplichting. het waarderingsvoorschrift van artikel 3.29 wet ib 2001 is daarom hierop niet van toepassing. bij het omslagstelsel worden de betaalde pensioenpremies of pensioenuitkeringen ten laste van de winst gebracht van het jaar waarin de betaling of de uitkering plaatsvindt. de bv heeft daarom terecht de opgebouwde fiscale pensioenvoorziening in 2016 laten vrijvallen.