de hoge raad heeft recent geoordeeld dat er sprake kan zijn van schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid. dit is aan de orde wanneer de ene partij gerechtvaardigd heeft vertrouwd op een volmachtverlening op grond van feiten en omstandigheden die de ander betreffen en voor risico van de ander komen. uit deze feiten en omstandigheden moet naar verkeersopvattingen een zodanige schijn kunnen worden afgeleid.
er kan ook al sprake zijn van een schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid ingeval van een ‘niet-doen’. denk in dat kader aan het laten voortbestaan van een bepaalde situatie door geen maatregelen te nemen tegen de persoon die namens jou een contract sluit of door de ander niet op de hoogte te stellen, terwijl je op de hoogte bent van de overeenkomst. in een dergelijk geval is de rechtspersoon gebonden aan de overeenkomst. oók als de natuurlijk persoon niet bevoegd was om de overeenkomst te sluiten.