commentaar
de hoge raad geeft geen nadere algemene regels of uitgangspunten om te bepalen of er een arbeidsovereenkomst is dan wel dat wordt gewerkt als zelfstandig ondernemer. daarbij kan worden gedacht aan uitgangspunten als de inbedding van het werk in de organisatie van de opdrachtgever, of de hoogte van de tegenprestatie voor het werk. minister van gennip (sociale zaken en werkgelegenheid) kondigde in december nieuwe regels aan omtrent de beoordeling van het bestaan van een arbeidsovereenkomst. zo zou een gezagsverhouding aanwezig zijn bij werk dat organisatorisch is ingebed in de onderneming van de opdrachtgever. als echter voldaan wordt aan de criteria voor zelfstandig ondernemerschap, is er geen arbeidsovereenkomst. dit was conform het advies van de advocaat-generaal aan de hoge raad.
in de uitspraak beschouwt de hoge raad de inbedding van het werk en degene die de werkzaamheden verricht in de organisatie en de bedrijfsvoering van de opdrachtgever als één van de omstandigheden waarmee rekening moet worden gehouden. ook kan volgens het arrest van belang zijn of degene die de werkzaamheden verricht zich in het economisch verkeer als ondernemer gedraagt of kan gedragen. het gaat dan bijvoorbeeld om het verwerven van een reputatie, bij acquisitie, wat betreft fiscale behandeling, en gelet op het aantal opdrachtgevers voor wie hij/zij werkt of heeft gewerkt en de duur waarvoor hij/zij zich doorgaans aan een bepaalde opdrachtgever verbindt. omdat de wetgever met dit onderwerp bezig is, ziet de hoge raad op dit moment geen aanleiding voor rechtsontwikkeling.
heb je vragen over de fiscale gevolgen van dit arrest? neem dan contact op met onze juridische adviseurs loonheffingen hans tabak (h.tabak@fiscount.nl of 0575-433 555) of janita klomp (j.klomp@fiscount.nl of via 038 – 45 61 900).