in de meeste odv-overeenkomsten staat daarom ook dat de actuele stand van de oudedagsverplichting kan worden aangewend voor afstorting. de afstortingsvariant die het meest op de odv in de uitkeringsfase bij de bv lijkt, is afstorting in een bancaire lijfrente met dezelfde resterende looptijd als was voorzien bij de bv (tot 20 jaar na aow). maar zelfs dán is het eigenlijk niet passend om de hoogte van de uitkering bij de bv als vertrekpunt te nemen. de oprenting van de odv in eigen beheer geschiedt namelijk jaarlijks met het gemiddelde u-rendement (met herrekening uitkering). daarentegen wordt bij een bank meestal een depositorente voor de gehele looptijd afgesproken, wat leidt tot een vast uitkeringsbedrag voor die gehele looptijd.

 

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief