het echtpaar stelt in beroep dat de wet ib 2001 en het besluit geruisloze omzetting, naar doel en strekking uitgelegd, niet in de weg staan aan de geruisloze inbreng.
rechtbank noord-nederland oordeelt dat met de goedkeuringen in het besluit (onderdeel 3) invulling wordt gegeven aan de in artikel 63 awr neergelegde bevoegdheid van de minister om de hardheidsclausule toe te passen. het stringent geformuleerde besluit biedt de inspecteur geen ruimte om af te wijken van de voorwaarden die in onderdeel 3 aan de goedkeuringen worden gesteld. nu het aan de minister is om over de toepassing van de hardheidsclausule te beslissen, is de rechtbank niet bevoegd om dit beleid te toetsen. de afwijzing van het verzoek om geruisloze inbreng moet in stand blijven.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief