de rechtbank stelt vast dat er ook na de invoering van de wet rechtsherstel box 3 nog steeds geen redelijke verhouding bestaat tussen de doelen die de wetgever hiermee heeft willen bereiken en de ongelijkheid die door de gekozen vormgeving is veroorzaakt. de overwegingen uit het kerst-arrest kunnen onverkort worden toegepast op het stelsel, zoals dat met de wet rechtsherstel box 3 met terugwerkende kracht tot 1 januari 2017 is ingevoerd. daarbij neemt de rechtbank voor het bepalen van het werkelijke rendement op de niet verhuurde tweede woning de recente uitspraak van hof den bosch als uitgangspunt.
conclusie a-g
in fiscasus2330 berichtten we al dat ook a-g wattel concludeert dat de wet rechtsherstel box 3 nog steeds het discriminatieverbod en het eigendomsrecht schendt, net zoals dat het geval was bij het ‘oude’ box-3-systeem. weliswaar wordt in de wet rechtsherstel box 3 het spaarrendement realistischer belast, maar de belastingheffing over overige bezittingen vindt juist willekeuriger plaats. de wet rechtsherstel box 3 had juist het werkelijke vermogensrendement beter moeten benaderen. het wachten is nu op het verlossende woord van de hoge raad.