de kantonrechter kijkt naar de bedoeling van partijen, die blijkt uit de overeenkomst waarin is verwezen naar artikel 7:230a bw (hoeft niet doorslaggevend te zijn) en naar de feitelijke activiteiten van de huurder (zoals genoemd op de website van de onderneming). de huurder richt zich hoofdzakelijk op het (apk-) keuren van auto’s en voert geen reparaties en onderhoudswerkzaamheden uit. in de van dale wordt het begrip ‘ambacht’ omschreven als ‘vak waarbij je iets met de hand maakt’. het begrip wordt ook wel gebruikt om aan te geven dat het gaat om productie of bewerking van zaken c.q. het leveren van technische diensten, op niet-fabrieksmatige wijze.
bij het keuren van auto’s wordt er niets gemaakt, geproduceerd of bewerkt, maar enkel gecontroleerd of de auto op het gebied van onder andere verkeersveiligheid voldoet aan de daarvoor geldende eisen. dit is de kern van de dienstverlening. de huurder kan zich daarom niet beroepen op de (normaliter) verdergaande bescherming van artikel 7:290 bw. er kan hooguit nog 1 jaar ontruimingsbescherming worden gevraagd aan de kantonrechter. daarbij wordt het belang van de verhuurder (realiseren van een busbaan ten behoeve van woningbouw) zwaarder gewogen dan het belang van de huurder (niet plaatsgebonden en risico ondernemerschap). om die reden wordt geen verlenging toegewezen van de ontruimingsbescherming. een paar maanden later oordeelt rechtbank rotterdam dat ook een autopoetsbedrijf moet worden gezien als 7:230a bw-bedrijfsruimte.
tip
bij het opstellen van een huurovereenkomst twijfelen verhuurders vaak welk model moet worden gehanteerd. bij het einde van de huur komt ook om de hoek kijken welk huurregime van toepassing is.
richard lukken is werkzaam als juridisch adviseur huur- en arbeidsrecht, trainer. voor vragen neem contact op via r.lukken@fiscount.nl of 038 456 1900.