rechtbank zeeland-west-brabant oordeelt dat de eigenwoningvrijstelling slechts gedeeltelijk kan worden toegepast. de herroeping in 2017 leidt er namelijk niet toe dat de schenking uit 2009 met terugwerkende kracht teniet is gegaan. het belastbare feit en ook de destijds toegepaste eenmalig verhoogde vrijstelling blijven in stand. artikel 82a sw (tekst 2017) bepaalt dan dat de eigenwoningvrijstelling moet worden verlaagd. daarom kan de dochter op grond van de wet niet tot een hoger bedrag dan al is toegekend een beroep doen op de eenmalig verhoogde vrijstelling.
beroep op goedkeurend beleid
ook het beroep van de dochter op het goedkeurend beleid in geval van herroepelijke schenkingen uit 2018 biedt haar geen soelaas. dat beleid geldt niet als de herroeping in overwegende mate is ingegeven door fiscale motieven. de inspecteur heeft echter onweersproken gesteld dat hier sprake is van fiscale motieven.