volgens de werknemer zou er sprake zijn van aansprakelijkheid, omdat: a) er destijds onjuist is geadviseerd en geïnformeerd over de waardeoverdracht; en b) de huidige tussenpersoon bij de overname van de verzekeringsportefeuille de werknemer niet heeft gewezen op – en geadviseerd over – de pensioenschade. de werknemer koos er zelf voor om zijn opgebouwde gegarandeerde aanspraken onder te brengen in de nieuwe beschikbarepremieregeling bij een andere verzekeraar. dat deed hij nadat hij zich hierover had laten voorlichten en adviseren, waartoe de werkgever hem in de gelegenheid had gesteld.
wat oordeelde de rechter?
de vorderingen worden door de rechter afgewezen. er is namelijk niet komen vast te staan dat er tussen de voorgangster van de tussenpersoon en eiser een adviesovereenkomst is gesloten die over kan gaan op de tussenpersoon. er kan dus ook geen overname daarvan zijn (en daaruit voortvloeiende aansprakelijkheid) voor de huidige tussenpersoon op de verzekeringsovereenkomst. bovendien blijkt niets van onrechtmatig handelen: er is geen verband komen vast te staan tussen de gestelde schade en enig handelen of nalaten van de tussenpersoon. de rechtbank heeft in deze zaak grenzen gesteld aan de zorgplicht van een opvolgende tussenpersoon. die gaat niet zover dat hij ten aanzien van een nieuwe klant op eigen initiatief moet onderzoeken of deze mogelijk een vordering heeft op een derde, als gevolg van een in het verleden door deze derde gemaakte (beroeps)fout bij het aangaan van een verzekering.