de rechtbank baseert haar oordeel op een uitspraak van de hoge raad uit 2016, waaruit volgt dat een causaal verband in dit geval niet vaststaat. uit de uitspraak van de hoge raad volgt namelijk dat niet in álle gevallen waarin een schadevergoeding is betaald wegens schending van een beding in de koopovereenkomst, is voldaan aan het causaliteitsvereiste. de zaak bij de hoge raad betrof een schadevergoeding wegens het afbreken van onderhandelingen, waardoor de verkoop van aandelen niet doorging. daarvan is in de onderhavige zaak geen sprake. verder is van belang dat de schadevergoeding is betaald voor gebeurtenissen die zich voordeden na de verkoop van de aandelen.