lees meer
de man en de inspecteur zijn het erover eens dat de verbouwing van het monumentale pand niet leidt tot een nieuw vervaardigd goed. rechtbank zeeland-west-brabant stelt vast dat:
- de appartementen voor korte duur (maximaal 6 maanden) worden verhuurd;
- de appartementen volledig zijn ingericht en uitgerust om direct in gebruik te nemen;
- de huurders in de huurovereenkomsten verklaren dat sprake is van tijdelijk verblijf en dat zij het middelpunt van hun maatschappelijk leven niet naar het appartement verplaatsen;
- de huurders volledig worden ontzorgd.
uit het bovenstaande volgt volgens de rechtbank dat de man met de verhuur van de appartementen concurreert met het hotel- en vakantiebestedingsbedrijf. de verhuur valt daarom onder de short-stay uitzondering, waardoor deze is belast (9%). nu het voornemen om kortdurend te gaan verhuren niet ter discussie staat, heeft de man al tijdens de verbouwing recht op aftrek van de btw op de verbouwingskosten.