ook op het gebied van terugvordering en kwijtschelding zal er wat veranderen. met betrekking tot het terugvorderen van onverschuldigde betaalde uitkeringen liggen er twee concrete voorstellen:
1. het gaat een rol spelen of er sprake is van een fout van de overheid. de kernvraag die daarbij hoort is: was het voor de uitkeringsgerechtigde redelijkerwijs duidelijk dat de uitkering ten onrechte was toegekend?
2. de zogenoemde zesmaandenjurisprudentie, die een betrokkene beschermt tegen traag handelen van de overheid (vergelijk de maandenlang vertraagde afhandelingen bij het uwv). stel dat een betrokkene het signaal afgeeft dat een uitkering te hoog is vastgesteld, dan moet het bestuursorgaan dit binnen 6 maanden afhandelen. gebeurt dit niet, dan mag het bestuursorgaan na die 6 maanden het dan nog steeds uitgekeerde geld niet meer terugvorderen.
het uwv en de svb krijgen een discretionaire bevoegdheid om vanaf 1 januari 2025 al meer maatwerk toe te passen bij hun invorderingsbeleid.
kwijtschelding
bij schending van de inlichtingenplicht kan een restschuld na 5 jaar worden kwijtgescholden (nu: na 10 jaar). dit dient twee belangen: ten eerste is de individuele schuldenaar (en zijn of haar gezin) gebaat bij een schuldenvrije toekomst. ten tweede ontvangt het bestuursorgaan binnen 5 jaar meestal al een groot deel van de schuld.
uiteraard geldt in alle bovenstaande gevallen dat er bij echt misbruik nog steeds stevig zal worden opgetreden.
heb je vragen over werknemersverzekeringen, ziekte of arbeidsongeschiktheid? neem dan contact op met mr. joyce b.e. paashuis via j.paashuis@fiscount.nl/ 06-546 88 230 of met gert-jan van dijk of monique de graaf.