dit volgt uit artikel 7:262 bw. waar je normaliter kunt procederen in meerdere fasen (eerste aanleg, hoger beroep en cassatie) is dit beperkt wanneer je al een uitspraak van de huurcommissie hebt ontvangen. heeft de huurcommissie beslist over de huurprijs of andere vergoedingen, dan kun je hetzelfde geschil nog slechts binnen 8 weken na ontvangst van deze uitspraak aan de rechter voorleggen. tegen de beslissing van de rechter is vervolgens geen hoger beroep meer mogelijk. dit heet het rechtsmiddelenverbod van artikel 7:262 lid 2 bw.
voorbeeld
een voorbeeld om dit te verduidelijken: verhuurbedrijf a en de heer jansen hebben onenigheid over de huurprijs over de periode 1 januari tot en met 30 juni van 2024. de heer jansen is naar de huurcommissie gestapt, die op 1 augustus 2024 bepaalt dat de heer jansen inderdaad in de genoemde periode € 100 per maand te veel heeft betaald. begin 2025 lopen de gemoederen tussen verhuurbedrijf a en de heer jansen opnieuw hoog op. de heer jansen stapt naar de rechtbank en eist opnieuw een huurverlaging, maar dan over het gehele jaar 2024. de rechtbank zal dan besluiten dat zij op grond van het rechtsmiddelenverbod van artikel 7:262 lid 2 bw niet langer kan beslissen over de huurprijs in de periode 1 januari tot en met 30 juni 2024. de periode daarna is nog niet beoordeeld door de huurcommissie en kan daarom wél aan de rechter worden voorgelegd.
wil je hier meer over weten? neem dan contact op met mr. pascalle de hoon. pascalle is als advocaat werkzaam bij avanti jure, dat samenwerkt met fiscount.