volgens de rechtbank zijn bij de belangenafweging de gevolgen van de hoge belastingrentetarieven (8% en 10%) voor vpb-ondernemers onderbelicht gebleven. de regelgever heeft dan ook niet in redelijkheid tot de betrokken regel kunnen komen. de rechtbank verklaart het besluit belasting- en invorderingsrente daarom onverbindend, maar geeft aan dat het niet aan haar is om aan te geven wat wél een evenredig rentepercentage is. de belastingrente wordt verminderd tot € 632 conform het herzieningsverzoek van de bv.