volgens de rechtbank is doorslaggevend dat de man en de vrouw vanaf de koop steeds de intentie tot bewoning hadden. zij zijn ook daadwerkelijk gaan wonen op het adres van de aangekochte woning. dat de aangekochte woning niet als hoofverblijf is gebruikt, is niet relevant. het feit dat de man en de vrouw pas 2 jaar later daadwerkelijk in de woning zijn gaan wonen is ook geen reden om de startersvrijstelling te weigeren. zij hebben aannemelijk gemaakt dat zij de woning duurzaam als hoofdverblijf zouden gaan gebruiken. de opgelegde naheffingsaanslagen en boetes moeten vervallen.