De facultatieve leegstandsheffing komt voort uit een amendement bij de Fiscale Verzamelwet 2026. Vanaf het moment dat de leegstandsheffing is opgenomen in een lokale belastingverordening, begint de periode van een jaar leegstand te lopen. Daarna kan de gemeente de heffing opleggen. Voorlopig geldt de leegstandsheffing alleen voor woningen. Dit kan later worden uitgebreid naar andere onroerende zaken.
Wijziging Leegstandswet op komst
De leegstandsheffing kan worden ingezet in combinatie met bestaande instrumenten uit de Leegstandswet. Er wordt momenteel gewerkt aan een wijziging van deze wet, zodat gemeenten effectievere bevoegdheden krijgen om leegstand aan te pakken. Zo kan een gemeente na de wijziging:
- een collectieve vergunning afgeven voor tijdelijke verhuur. Dit geldt dan alleen voor woonruimtes in een gebouw en bij sloop en (ver)nieuwbouw;
- het elektriciteitsverbruik van een pand opvragen om te controleren of het pand leegstaat;
- een verplichting opleggen om een langdurig leegstaand pand weer in gebruik te nemen of geven.
Het wetsvoorstel tot wijziging van de Leegstandswet is vorig jaar geconsulteerd en gaat binnenkort naar de Raad van State voor advies.