Dit is een opmerkelijke uitspraak omdat niet-ingezetenen van Nederland tot nu toe alleen persoonlijke aftrekposten konden claimen in Nederland als zij 90% of meer van het gezinsinkomen in Nederland verdienden. Dit standpunt is gebaseerd op het zogenoemde ‘Schumacker-arrest’. Het EU-Hof acht het echter niet van belang hoeveel inkomen in de werklidstaat wordt verdiend, maar of er 90% of meer buiten de woonlidstaat (in casu Spanje) wordt verdiend. Onder werklidstaat verstaat het EU-Hof elke lidstaat die heffingsbevoegd is over een deel van het arbeidsinkomen.
Het EU-hof acht het voor het claimen van de persoonlijke aftrekpost ook niet van belang of de belastingplichtige een deel van zijn inkomen in een niet lidstaat/ derde land (in casu Zwitserland) verdient. De kans is nu aanwezig dat Nederland artikel 7.8, lid 8 Wet IB 2001 zal aanpassen.
Tip
Heeft u cliënten in een vergelijkbare situatie van wie de IB-aanslag nog niet onherroepelijk vaststaat? In dat geval kunt u zich op deze uitspraak van het EU-Hof beroepen om de aftrekpost in Nederland veilig te stellen voor uw cliënt.