De meeste btw-ondernemers van wie het bezwaar gegrond is verklaard, moeten hun standpunt nog nader motiveren met gegevens. Dat kan tot uiterlijk 15 juli 2017 met het speciale formulier: ‘Opgaaf aanvullende gegevens privégebruik auto btw‘. Zij moeten aannemelijk maken dat de forfaitaire regeling voor hen ongunstiger uitpakt dan een btw-correctie die gebaseerd is op de kosten van het werkelijk privégebruik. Werkgevers/ondernemers zullen de daarvoor benodigde informatie echter niet altijd voorhanden hebben.

Omvang op basis van redelijke schatting
De Hoge Raad heeft in de vier uitspraken in de proefprocedures van 21 april jl. echter aangegeven dat zij de omvang van het privégebruik mogen baseren op een redelijke schatting. Die schatting kan gebaseerd zijn op statistische gegevens. Maar ook omstandigheden als de aard van de onderneming, de zakelijke doeleinden waarvoor de auto in de onderneming wordt gebruikt en de werkzaamheden van de gebruiker van de auto kunnen hiervoor worden gebruikt. De wijze waarop de auto voor privédoeleinden mag worden gebruikt of is gebruikt (bijvoorbeeld woon-werkverkeer) is hiervoor eveneens relevant. De Belastingdienst stelt dat de omvang van het privégebruik per auto aannemelijk moet worden gemaakt. Dit lijkt ons niet te stroken met het oordeel van de Hoge Raad dat hiervoor ook statistische gegevens kunnen worden gebruikt. Een meer generieke aanpak lijkt dan meer voor de hand te liggen.

Tip
Heeft u cliënten van wie het bezwaar gegrond is verklaard? In dat geval moeten zij binnen zes weken gegevens aanleveren die aannemelijk maken dat toepassing van de forfaitaire regeling voor hen onvoordeliger uitpakt dan wanneer de btw-heffing wordt berekend over de kosten van het werkelijk privégebruik. Attendeer hen hierop. De Belastingdienst informeert hen hierover namelijk niet individueel.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief