Volgens de rechtbank is de parkeerdienst een zelfstandige prestatie voor de gemiddelde bezoeker. Bezoekers kunnen er ook voor kiezen om niet met de auto maar met een ander vervoermiddel naar het park te reizen.

Feiten en omstandigheden doorslaggevend
De feiten en omstandigheden zijn doorslaggevend om te kunnen bepalen of een parkeerdienst een bijkomende of een zelfstandige prestatie is. De motivering van de verschillende rechtbanken in vergelijkbare zaken is steeds dezelfde, maar de uitkomsten niet.

Dezelfde motivering met verschillende uitkomsten
Zo mocht een dierentuin die bezoekers tegen vergoeding parkeergelegenheid bood naast de dierentuin en bij een verderop gelegen hotel, het 6%-tarief wel toepassen op de parkeerdienst.  Volgens Rechtbank Den Haag was de parkeerdienst een bijkomende dienst, die het fiscale lot van de hoofddienst (de toegang tot de dierentuin) volgt. Gezien de ligging van de parkeerterreinen acht de rechtbank het niet aannemelijk dat op die terreinen – behalve eventuele gasten van het hotel, die bij het hotel een aparte parkeermunt kunnen kopen – ook mensen parkeren die niet naar de dierentuin gaan. Het parkeren is voor de modale consument dan geen doel op zich: die doet dat immers louter met het doel om de dierentuin te bezoeken. De rechtbank vindt het aannemelijk dat deze parkeervoorzieningen een bezoek aan de dierentuin aantrekkelijker maken. Consumenten zijn daardoor namelijk niet aangewezen op het openbaar vervoer of op het beperkte aantal reguliere parkeerplaatsen in de omgeving van de dierentuin. Voor de modale consument vormt de toegang tot de dierentuin de hoofddienst en is het gelegenheid geven tot parkeren de bijkomende dienst. Hierdoor is het verlaagde tarief ook van toepassing op de opbrengst van het parkeren.

Rechtbank Gelderland volgde echter weer de lijn van Rechtbank Zeeland-West-Brabant. Het betrof een BV die een attractiepark exploiteert. Bezoekers kunnen tegen vergoeding hun auto bij het park parkeren. De rechtbank oordeelde dat de parkeerdienst een zelfstandige prestatie is voor de gemiddelde consument. Parkeren is een doel op zich en geen middel om een bezoek aan het park (de hoofdprestatie) onder de best mogelijke omstandigheden te genieten. Ook is de parkeerprijs te hoog om parkeren te zien als bijkomende dienst.

Conclusie
Op voorhand is de uitkomst van vergelijkbare zaken dus niet met zekerheid te voorspellen, maar aan de hand van de genoemde feiten en omstandigheden kan wel een beeld worden verkregen van wanneer rechters de parkeerdienst wel of niet zien als een bijkomende dienst die het fiscale lot van de hoofdprestatie (het verlenen van toegang) volgt.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief