Deze hofuitspraak staat haaks op de uitspraak die Rechtbank Gelderland eerder in deze zaak heeft gedaan. Die oordeelde namelijk dat het wedstrijdshirt en het drankje wel een doel op zich waren, omdat zij zelfstandig een nuttige functie hebben – los van de deelname aan de run. Volgens de rechtbank was er geen sprake van bijkomende prestaties, waardoor het wedstrijdshirt en het drankje belast moesten worden met 21% btw en de obstacle run belast was met 6% btw. Het Hof is het hier niet mee eens en stelt de BV dus alsnog in het gelijk.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief