Met de indiening van het wetsvoorstel is de ontwikkeling van het CAHR weer opgepakt. Medio 2016 werd die ontwikkeling aangehouden in verband met de totstandkoming van het UBO-register. De ontwikkeling van het UBO-register kreeg meer prioriteit, omdat dit register een Europeesrechtelijke verplichting betreft met een deadline. De EU-richtlijn schrijft namelijk voor dat alle lidstaten uiterlijk op 26 juni 2017 een UBO-register moeten hebben. De toenmalige minister Van der Steur achtte de gelijktijdige ontwikkeling van beide registers niet uitvoerbaar noch betaalbaar.

Veel politici – en ook de KNB – wilden toch graag doorgaan met de verdere ontwikkeling van het CAHR, vanwege het grote belang ervan bij de bestrijding van fraude met rechtspersonen. Dit heeft geleid tot het nu ingediende initiatiefwetsvoorstel.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief