Het hof oordeelt dat een zzp’er zich niet in dezelfde positie bevindt als een consument. Hij moet als ondernemer in staat worden geacht om weerstand te bieden aan al te opdringerige verkopers en hij had kunnen afzien van het sluiten van de overeenkomst. De grootte van zijn onderneming maakt dat niet anders. De opzeggingsvergoeding was bovendien integraal opgenomen in de ondertekende overeenkomst. De zzp’er heeft dus voldoende kans gehad om kennis te nemen van de inhoud van het beding. Deze feiten en omstandigheden leiden tot de conclusie dat het beding niet vernietigbaar is, omdat niet voldaan is aan de vereisten van artikel 6:233 BW (vernietigbaarheid algemene voorwaarden).

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief