Sinds 1 januari 2012 eindigt een huwelijksgemeenschap op het moment waarop het verzoek tot echtscheiding wordt ingediend. Voordien werd hiervoor aangesloten bij de inschrijving van de echtscheidingsbeschikking in het huwelijksgoederenregister van de burgerlijke stand. Volgens de nieuwe regels eindigt de huwelijksgemeenschap dus eerder. Dit heeft gevolgen voor het voldoen aan de 2-jaarstermijn waarbinnen de ab-aandelen moeten zijn verdeeld, om te voorkomen dat de verdeling wordt aangemerkt als een (belaste) vervreemding. Die termijn is door de wijziging in 2012 immers eerder gaan lopen.
Moment van wilsovereenstemming
In het verzamelbesluit wordt aangegeven dat voor het tijdstip van de verdelingstijdstip van de huwelijksgemeenschap wordt aangesloten bij het moment waarop er wilsovereenstemming is tussen de ex-partners. Dat moment is er bij het tekenen van de echtscheidingsconvenant of de vaststellingsovereenkomst waarin de verdeling is vastgelegd. Maar een formele akte van verdeling hoeft er dan nog niet te zijn. Het voldoen aan de 2-jaarstermijn waarbinnen de verdeling van de ab-aandelen moet plaatsvinden – om te voorkomen dat de verdeling een (belaste) vervreemding is – is daardoor minder problematisch dan tot nu toe het geval was.