een overdracht van een algemeenheid van goederen is volgens de hoge raad alleen aan de orde als de overeenkomsten van de leden met de bv in wezen gelijk zijn aan de overeenkomsten van de leden met de coöperatie. door de andere positie van de bv ten opzichte van de leden van de coöperatie is daarvan al geen sprake. bovendien zijn er ook inhoudelijke verschillen tussen de overeenkomsten. de coöperatie heeft terecht btw in rekening gebracht, die de bv mag aftrekken.