het niet tijdig aangifte doen geldt als verzuim voor de belastingrente. de uitnodigingsbrief wekt daarom volgens de rechtbank bij de buitenlands belastingplichtige het vertrouwen op dat de vóór 1 juli 2016 ingediende aangifte, tijdig is gedaan waardoor hij geen belastingrente verschuldigd is. daar komt bij dat de man pas na 18 april 2018 digitaal aangifte kon doen. daardoor zou hij per definitie al in verzuim zijn en dus belastingrente moeten betalen.

 

zorgvuldigheidsbeginsel

de uitnodigingsbrief is volgens de rechtbank bovendien in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel. volgens de wettelijke regeling (artikel 30fc, lid 4 awr) brengt de belastingdienst geen belastingrente in rekening als de ib-aangifte 2015 vóór 1 april 2016 wordt ingediend. in afwijking van deze wettelijke regeling brengt de belastingdienst voor de belastingjaren 2014 tot en met 2017 echter ook geen belastingrente in rekening bij binnenlands belastingplichtigen die hun aangifte na 31 maart doen, maar binnen de aangiftetermijn –  dus vóór 1 juli. de belastingdienst kiest er kennelijk voor om in een vergelijkbare situatie bij buitenlands belastingplichtigen wel belastingrente in rekening te brengen. juist daarom had er – vanuit het zorgvuldigheidsbeginsel –  in de uitnodigingsbrief  moeten staan dat er belastingrente in rekening wordt gebracht als na 31 maart 2016 aangifte wordt gedaan, ook al wordt dat gedaan binnen de gecommuniceerde aangiftetermijn van 1 juli 2016.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief