lees meer

de centrale raad van beroep bepaalde in een recente uitspraak echter dat de werkgever bij ongewijzigde omstandigheden ook na het do mag uitgaan van de juistheid van het do. er mag niet van de werkgever worden verlangd om het tegendeel te bewijzen van het standpunt van het uwv. het uwv was er niet in geslaagd om aannemelijk te maken dat zich veranderingen in de belastbaarheid van de werknemer hadden voorgedaan in de periode tussen de datum van het do en de einddatum van 104 weken ziekte. de loonsanctie werd vervolgens vernietigd.

tip

omdat meerdere werkgevers na 52 weken ziekte van een werknemer een do bij het uwv aanvragen – met de vraag of zij voldoende aan re-integratie van die werknemer hebben gedaan – is deze uitspraak van belang voor werkgevers. bij ongewijzigde omstandigheden na een do hoeven werkgevers niet te bewijzen dat een ongemotiveerd ander standpunt van het uwv onjuist is, maar hoeven zij slechts te verwijzen naar deze recente uitspraak van de centrale raad van beroep. het is dan aan het uwv om aannemelijk te maken dat omstandigheden zijn gewijzigd. deze uitspraak maakt het in voorkomende gevallen voor werkgevers en hun adviseurs makkelijker om:

  • zich tegen creatieve standpunten van het uwv te verweren;
  • met minder kosten voor rechtsbijstand de loonsanctie te laten vernietigen; en
  • de (loon)schade op het uwv te verhalen.

heeft het uwv ook aan jouw klant een loonsanctie opgelegd? vraag dan binnen 6 weken na de datum van de beslissing van het uwv advies aan onze adviseur arbeidsrecht en sociale zekerheid, ron van baarlen, via r.baarlen@fiscount.nl.

bron: uitspraak d.d. 14 februari 2019, nummer ecli:nl:crvb:2019:514, van de centrale raad van beroep.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief