als uw cliënt goederen naar een andere eu-lidstaat verplaatst om deze in dat land op voorraad te hebben, leidt dat nu tot een fictieve intracommunautaire levering. uw cliënt moet die overbrenging van goederen dan als intracommunautaire levering in de btw-aangifte en op de periodieke opgaaf intracommunautaire prestaties (opgaaf icp) verantwoorden. daarnaast moet hij/zij in het land van aankomst van de goederen een intracommunautaire verwerving aangeven als een met btw belaste prestatie. daarvoor moet uw cliënt zich registreren in die lidstaat en daar btw-aangifte doen. als hij/zij later de goederen vanuit die voorraad levert aan een afnemer, dan heeft uw cliënt opnieuw een aangifteverplichting in die lidstaat. is uw cliënt niet in die andere lidstaat gevestigd of heeft hij/zij daar geen vaste inrichting, dan vormen deze verplichtingen vervelende administratieve knelpunten. onder de nieuwe regels inzake de voorraad op afroep worden die knelpunten weggenomen.