het hof oordeelt dat het begrip ‘inrichting’ moet worden getoetst op het niveau van de fe, waarvan de bv deel uitmaakt en niet slechts op het niveau van de dienstverrichter, de bv. ook stelt het hof vast dat de 24-uurszorgdiensten van de bv weliswaar niet de verpleging of de verzorging van personen in een inrichting betreffen, maar daarmee wel samenhangen. deze diensten zijn onontbeerlijk voor het verrichten van de verpleging en de verzorging. de intramurale zorgdiensten die de bv verricht aan andere zorginstellingen vallen daarom toch onder de btw-vrijstelling voor het verplegen en verzorgen van in een inrichting verblijvende personen (artikel 11, lid 1, letter c of f wet ob). de extramurale 24-uursdiensten van de bv aan andere zorginstellingen vallen onder de sociaal-culturele btw-vrijstelling (artikel 11, lid 1, letter f wet ob, juncto artikel 7 uitvoeringsbesluit, juncto bijlage b post b13).

 

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief