de inspecteur neemt het standpunt in dat er sprake is van een doorlopende dienst. hij had daarom al een btw-naheffingsaanslag opgelegd over het eerste kwartaal van 2017. de rechtbank oordeelt dat daarvan geen sprake is. er is sprake van een eenmalige dienst. de rechtbank acht daarvoor doorslaggevend dat het tot 31 december 2017 onzeker is of de bv de afnameplicht zou nakomen – en dus ook of de claim van het bedrijf zou vervallen. eind 2017 is pas duidelijk dat de claim verviel. op dat moment is de eenmalige dienst voltooid en wordt de bv de btw verschuldigd.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief