De verkoper beschouwde het als een indirecte exportlevering, en vond toepassing van het 0%-tarief daarom terecht. De Poolse belastingdienst wierp de verkoper tegen dat: a) hij niet zelf had aangetoond dat de goederen buiten de EU waren uitgevoerd; b) de vervoersdocumenten niet sluitend waren; en c) de verkoper de uitvoer feitelijk niet zelf geregeld. Daarom moest de verkoper volgens de belastingdienst gewoon Poolse btw betalen.

Het Europese Hof van Justitie gaat hier niet in mee. Volgens het Hof gaat het om de feiten: zijn de goederen daadwerkelijk geleverd aan de koper én hebben de goederen het EU-grondgebied fysiek verlaten? Dan moet het 0%-tarief bij uitvoer gelden. Het maakt daarbij niet uit dat de koper buiten medeweten van de verkoper handelt of dat het bewijs van uitvoer vooral uit douanedocumenten van de belastingdienst komt. Alleen bij fraude of als er helemaal geen bewijs is dat de goederen de EU hebben verlaten, mag het 0%-tarief worden geweigerd. Daarvan is in dit geval geen sprake.

Nederlandse praktijk
In Nederland geldt voor deze situatie een specifieke goedkeuring: als de koper de geleverde goederen uitvoert, kan de verkoper toch aanspraak maken op het 0%-tarief bij uitvoer – mits hij aan de hand van boeken en bescheiden kan aantonen dat de betreffende goederen de EU fysiek hebben verlaten (zie toelichting tabel II, post a.2).

Tips

  • Regelt je afnemer de uitvoer van de goederen zelf? Spreek dan duidelijk af dat je altijd voldoende bewijsstukken van de feitelijke uitvoer ontvangt, zoals douanedocumenten en transportverklaringen.
  • Een bij uitvoer door de douane afgetekende (kopie)factuur kan aanvullend bewijs vormen voor het aantonen van de uitvoer.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief