de waardering op basis van de rentabiliteitsmethode is vrij goed te volgen. de volgende stap is of b (dan wel zijn adviseur) de dcf-methode wil toelichten. zo geschied. al snel komt naar voren dat b uitgaat van 2 projecten die ze hebben opgestart en dat deze projecten zeer succesvol (lees: rendabel) zullen zijn in de toekomst. nadat de gemoederen weer wat bedaard zijn, stel ik voor om de zaken uit elkaar te trekken en de huidige activiteiten en projecten separaat te waarderen. de verschillen in waardering van de reguliere onderneming zonder de projecten – en vervolgens de aandelen van de werkmaatschappij – blijken voor een groot deel als sneeuw voor de zon te verdwijnen. de resterende verschillen lijken overbrugbaar. de projecten worden vervolgens separaat gewaardeerd en dat gebeurt bovendien op basis van een aantal verschillende scenario’s: matig, redelijk tot goed en zeer succesvol.

lang verhaal kort
voor de ‘gewone’ bedrijfsactiviteiten weten partijen redelijk snel tot afspraken te komen (prijs, aanvullende voorwaarden en financiering). voor de projecten wordt een earnout-regeling gemaakt. omdat er wat argwaan zit bij de verkopende partij (b), wordt de earnout-regeling omgebouwd naar een percentage van de omzet (in plaats van de winst). eenvoudig te controleren en veel minder eenvoudig te manipuleren.

een kwestie laten begeleiden en/of een bedrijfswaardering laten maken? neem dan contact op met drs. servaas m.m. vrijburg, zakelijk mediator en business valuator (s.vrijburg@fiscount.nl).   

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief