de inspecteur heeft voor het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking verwezen naar allerlei websites, maar die informatie is volgens het hof niet concreet genoeg. er is namelijk niet nader onderbouwd welke looncomponenten zijn meegenomen en in hoeverre er daadwerkelijk sprake is van een vergelijkbare dienstbetrekking. het beroep wordt gegrond verklaard en de naheffingsaanslag verminderd.
commentaar
van belang in deze zaak is dat er geen sprake was van ‘verbonden lichamen’. belanghebbende had niet voor ten minste een derde gedeelte belang in de vennootschap waar de meestverdienende werknemer in dienst was. volgens de inspecteur moet bij de vaststelling van het gebruikelijk loon niet alleen het loon worden meegewogen van de meestverdienende werknemer die werkzaam is bij belanghebbende, maar ook het loon van de meestverdienende werknemer die werkzaam is bij de andere vennootschappen waarin de dga een aanmerkelijk belang heeft. het hof gaat hier in een goed gemotiveerde uitspraak niet in mee.
heb je vragen over de gebruikelijkloon- en/of de doorbetaaldloonregeling, neem dan contact op met hans tabak, adviseur loonheffingen, h.tabak@fiscount.nl of 0575-433 555.