de bv bepaalt de pro rata van de btw op kosten die niet rechtsreeks toerekenbaar zijn aan de btw-belaste of vrijgestelde leveringen op basis van de begroting met toekomstige te realiseren btw-belaste (nieuwbouw/bouwterreinen) en btw-vrijgestelde leveringen (bestaande bouw). de pro rata komt dan neer op 30% btw-vrijgesteld en 70% btw-belast. de inspecteur meent dat de bv voor de pro rata moet uitgaan van de uiteindelijk gerealiseerde leveringen. hij verleent daarom geen btw-teruggaaf. rechtbank zeeland-west-brabant oordeelt dat de bv de btw-aftrek over de transformatiekosten op de juiste wijze heeft vastgesteld. de btw-teruggaaf moet alsnog worden verleend.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief