commanditaire vennoten zijn in beginsel beperkt aansprakelijk voor de schulden van de cv. maar verrichten zij in strijd met het beheersverbod van artikel 21, lid 2 wetboek van koophandel toch beheersdaden, dan kunnen zij hoofdelijke aansprakelijk worden gesteld voor alle schulden en verbintenissen van de vennootschap.

hof den haag verwijst voor de invulling van dit artikel naar het katterug-arrest van de hoge raad uit 2015. de hoge raad oordeelt hierin dat voor toepassing van de sanctie van hoofdelijke aansprakelijkheid bij overtreding van het beheersverbod van belang is dat:

  • de sanctie in evenredige verhouding staat tot de aard en de ernst van de schending; en
  • de sanctie achterwege moet blijven als en voor zover door het handelen van de commanditaire vennoot die sanctie niet (volledig) gerechtvaardigd is.

 

de hoofdelijke aansprakelijkheid kan dan worden beperkt tot bepaalde verbintenissen van de commanditaire vennootschap.

volgens de hoge raad is bij de beoordeling van de vraag of het beheersverbod is overtreden ook van belang of de derde wist of kon weten dat hij/zij te maken heeft met een commanditaire vennoot in plaats van een beherende vennoot. dit laatste acht het hof in deze zaak van doorslaggevend belang.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief