art 4:72 bw zegt: “de waarde van hetgeen een legitimaris kan verkrijgen, komt ook in mindering van zijn legitieme portie wanneer hij de nalatenschap verwerpt (, tenzij..).” prof. van mourik noemde dit de zogenoemde boedelbakclausule. wij zouden hem de pest-clausule willen noemen. hoe kun je dan pesten?
voorbeeld
er zijn 2 kinderen, dirk en joke. joke is onterfd. voor de eenvoud nemen we een langstlevende ouder als erflater en laten we het eerste overlijden buiten beschouwing. de nalatenschap bedraagt € 800.000; voor de aangifte erfbelasting (woz-waarde woning) wordt deze gewaardeerd op € 600.000. dirk heeft in het verleden een schenking van € 100.000 ontvangen voor de eigen woning en joke € 50.000 als schenking onder schuldigerkenning. in deel 1 hebben we vastgesteld dat in dit voorbeeld het breukdeel voor de legitieme portie ¼ is en de legitimaire massa inclusief giften € 950.000 bedraagt. de legitieme aanspraak van joke bedroeg, na aftrek van haar gift € 187.500. stel nu dat de erflater een legaat heeft gemaakt, waarin joke de auto en caravan ter waarde van € 100.000 toebedeeld krijgt die in frankrijk staan. joke had altijd al een hekel aan die caravan, dus ze verwerpt het legaat en doet een beroep op haar legitieme. haar aanspraak bedraagt € 187.500, maar ze had de auto en caravan kunnen krijgen ter waarde van € 100.000. er resteert nu een vordering van € 87.500.
tip
door een testament goed te regisseren, kun je de uiteindelijke aanspraak van een legitimaris beperken, waardoor deze uiteindelijk minder krijgt dan de legitieme.