in de aangifte erfbelasting geef je de onderbedelingsvordering aan voor de fictieve waarde, gebaseerd op de woz-waarde. maar hoe werkt dat uit?

stel, de (voorheen gezamenlijke) woning heeft een woz-waarde van € 300.000 en een taxatiewaarde van € 400.000. de woning gaat op grond van de wettelijke verdeling geheel naar de langstlevende (moeder), en de zoon (enig kind) krijgt een vordering van € 100.000. deze vordering wordt goed schriftelijk vastgelegd tussen moeder en zoon, evenals de samengestelde rente van 6% waar zij samen voor kiezen. gebaseerd op de woz-waarde, zou de vordering maar € 75.000 bedragen. in de aangifte erfbelasting kan de zoon de vordering aangeven voor € 75.000.

civielrechtelijk bedraagt zijn vordering echter € 100.000 en deze hoofdsom wordt jaarlijks vermeerderd met 6% samengestelde rente. als zijn moeder na 10 jaar overlijdt, kan hij een vordering op de nalatenschap in mindering brengen van ca € 179.000 in plaats van € 134.000. uiteraard moet de zoon zoveel jaren later deze hogere vordering wel kunnen onderbouwen. hij moet dus wel ten minste beschikken over een taxatierapport alsmede een gedegen vaststellingsovereenkomst waarin de hoogte en rente terzake de vordering zijn opgenomen.

tip
is er enige meerwaarde boven de woz-waarde? in dat geval kan het zeker de moeite waarde zijn om de taxatiewaarde te laten vaststellen. maak in dat geval ook een vaststellingsovereenkomst op en zorg ervoor dat de kinderen over een exemplaar van het rapport en de overeenkomst beschikken.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief