Het wettelijk deelgenootschap verplicht de man en de vrouw om de vermeerdering van het vermogen tijdens de duur van het deelgenootschap, te delen. Op grond van de huwelijkse voorwaarden heeft de vrouw geen vorderingsrecht op haar man. Dat recht ontstaat pas aan het eind van het deelgenootschap. Het deelgenootschap eindigt als zich in de wet voorgeschreven situaties voordoen. Een daarvan is de wijziging van de huwelijkse voorwaarden. Maar dat was niet gebeurd.
Natuurlijke verbintenis
De stelling van de vrouw dat er sprake is van een voldoening van een natuurlijke verbintenis was op voorhand kansloos. Daarvoor waren de inspanningen die zij had verricht voor de BV’s van haar man te gering.