de rechtbank oordeelt dat op het moment van de verdeling van de huwelijksgemeenschap een herbeoordelingsmoment plaatsvindt. vanaf dat moment kunnen de oorspronkelijk ter verwerving van de eigen woning aangegane schulden worden toegerekend aan het gehele aanmerkelijke belang dat aan de man is toegedeeld. maar die toerekening geldt niet voor het gehele bedrag van de schulden omdat de man is onderbedeeld en hij ook andere activa heeft toebedeeld gekregen. de aandelen vormen 57,5% van de waarde van alle activa, zodat de schulden voor dat deel aan de aandelen kunnen worden toegerekend.
fictieve rente over onderbedelingsvordering geen onderhoudsverplichting
de ex-partner betaalt geen rente over de overbedelingsvordering (€ 400.000) van de man. hij rekent hiervoor een fictieve rente van 4%, oftewel € 16.000 en brengt deze in aftrek op zijn inkomen. de ex-partner heeft dit bedrag als inkomen opgegeven. de rechtbank oordeelt echter dat de fictieve rente niet aftrekbaar is als uitgave voor een onderhoudsverplichting, omdat de man niet aannemelijk maakt dat er sprake is van kosten die op hem drukken. alleen het werkelijk door hem aan zijn ex-partner betaalde bedrag van € 60.000 (partneralimentatie) is als zodanig aftrekbaar.