een startende ondernemer brengt in 2016 € 16.020 btw in aftrek. die btw heeft betrekking op verleende adviesdiensten voor de verkoop van aandelen en op de verbouwingskosten van een bakhuis tot kantoorruimte. de ondernemer gebruikt het bakhuis voor 30% zakelijk. na een boekenonderzoek in 2018 corrigeert de inspecteur de in 2016 afgetrokken btw. de ondernemer stelt dat hij weliswaar op grond van de wet ob geen recht op btw-aftrek heeft, maar dat de naheffingsaanslag over 2016 toch moet worden vernietigd. aan het contact met de belastingdienst zou hij het vertrouwen hebben ontleend dat hij recht had op btw-aftrek.

volgens hof arnhem-leeuwarden moet de ondernemer aannemelijk maken dat de belastingdienst toezeggingen en andere uitlatingen heeft gedaan of gedragingen heeft verricht, waaruit hij mocht afleiden dat de belastingdienst akkoord was met de btw-aftrek over 2016. de gestelde uitlatingen in het contact over de afhandeling van de btw-aangifte over het eerste kwartaal van 2017, de uitlatingen op een startersdag bij de kamer van koophandel noch een gesprek met de belastingtelefoon, maakt hij aannemelijk. de naheffingsaanslag blijft daarom in stand.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief