uit de overgelegde stukken blijkt een aantal zaken:

  • het publiek komt niet speciaal voor de dj’s en de dj’s nemen zelf ook geen eigen publiek mee;
  • als er in een van de vier zalen een optreden is, kunnen niet alle bezoekers daar naartoe, omdat zij niet allemaal in een zaal passen. de bezoekers hebben dus geen garantie dat zij de optredens kunnen zien;
  • de bv biedt niet eveneens optredens van dansers, video- en lichtkunstenaars aan;
  • er treden niet 8 tot 10 dj’s op per avond, maar slechts 3 tot 4.

op grond van deze stukken kan niet worden gesteld dat de bv toegang verleent tot een muziekuitvoering of danceparty. de btw-naheffingsaanslag is terecht opgelegd. wel heeft de bv volgens de rechtbank recht op immateriële schadevergoeding, omdat de procedure te lang heeft geduurd.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief