het uitgangspunt van box 3 is dat het vermogen dat op de peildatum tot het bezit behoort, deel uitmaakt van de box-3-grondslag, ongeacht de herkomst. volgens de staatssecretaris kan geen vrijstelling worden verleend voor een schadevergoeding in de vorm van geld, omdat niet bepaalbaar is welk deel jaarlijks onder de vrijstelling valt. het is namelijk niet mogelijk om vast te stellen welk deel van de schadevergoeding is opgemaakt en welk deel er dus op de peildatum nog resteert. dat kan volgens hem alleen als er een aparte rekening wordt aangehouden met opnamevoorwaarden, waarop geen stortingen kunnen worden gedaan en waarvoor een renseigneringsplicht geldt.
vrijstelling leidt tot lagere schadevergoeding
het is gebruikelijk om bij de vaststelling van de omvang van de schade(vergoeding) rekening te houden met gevolgschade. de ingeschatte belastingheffing over de schadevergoeding is een gevolgschade en leidt dus tot een hogere vergoeding. als er door een vrijstelling geen belastingheffing plaatsvindt, wordt de schadevergoeding daardoor lager vastgesteld.