De arbeidsovereenkomst die hier werd gebruikt, was model ‘Arbeidsovereenkomst DGA’ van de Fiscount Modellenbank.
Commentaar
De Hoge Raad*) heeft beslist dat indien een werknemer de door zijn werkgever ter beschikking gestelde auto mede gebruikt voor een andere dienstbetrekking, dat laatstbedoelde gebruik moet worden aangemerkt als privégebruik, tenzij:
1) de auto mede namens de andere werkgever ter beschikking is gesteld; of
2) de andere dienstbetrekking wordt uitgeoefend binnen het kader van de eerste dienstbetrekking.
Om te voldoen aan de 1e uitzondering, moeten de autokosten integraal worden doorbelast. Het lijkt echter in deze zaak duidelijk dat aan de 2e uitzondering wordt voldaan. Toch heeft de gehele procedure ruim 3 jaar geduurd.
Naar de kern
De inspecteur haalde er van alles bij om maar te kunnen te stellen dat niet aan de 2e uitzondering werd voldaan. Zo zouden de werkzaamheden voor beide BV’s niet in elkaars verlengde liggen. De rechter ging daar niet in mee en bracht de zaak terug tot de kern. De DGA heeft een dienstbetrekking met zijn BV en in dat kader voert hij ook opdrachten uit voor de gelieerde BV. Dat staat nota bene ook in zijn arbeidsovereenkomst. De Belastingdienst had hier ter zitting niets, maar dan ook helemaal niets meer, tegenin te brengen. De inspecteur stemt ermee in dat het hoger beroep wordt ingetrokken en de kosten van juridische bijstand worden vergoed. Zo wordt maar weer eens duidelijk dat gelijk hebben niet hetzelfde is als gelijk krijgen – maar dat de volhouder uiteindelijk wint.