Iedereen is het erover eens dat de huur van de woning onzakelijk laag is. Hierdoor is sprake van een schenking onder opschortende voorwaarde. Nu door het overlijden van Annie de voorwaarde is vervuld, is de verkrijging belast met erfbelasting. De verkrijging wordt gewaardeerd als een levenslang vruchtgebruik, maar tegen welke huur?
Jaarlijks onzeker bedrag
De inspecteur meent dat er sprake is van een jaarlijks onzeker bedrag, vanwege de jaarlijkse indexatie. Daarom houdt hij rekening met een geschat jaarlijks gemiddeld bedrag aan huur van € 6.942 per jaar. Jan stelt daarentegen dat je moet waarderen naar het moment van de verkrijging en wel voor de nominale huur (€ 6.000 per jaar). Verder is Jan van mening dat de overeenkomst een impliciete metterwoonclausule bevat. Kortgezegd: als hij verhuist, vervalt het huurrecht. Volgens Jan drukt dit de waarde.
Rechtbank Noord-Holland is het met de inspecteur eens dat er door de indexatie sprake is van een jaarlijks onzeker bedrag. De gehanteerde indexatie is niet bestreden en redelijk. De huur van € 6.942 moet worden aangehouden. Met Jan is de rechtbank van mening dat de metterwoonclausule een waardedrukkende factor heeft, en wel van 25%.
Al met al komt er een flinke heffing voor Jan naar voren. De vraag is of Jan en Annie niet langs een estate planner van Fiscount hadden moeten gaan voor een fiscaal vriendelijker alternatief.