Volgens de man zouden de boeten moeten vervallen die betrekking hebben op beboetbare feiten (het doen van onjuiste IB-aangiften) die zijn begaan vóór 2 juli 2009. Daarna is pas artikel 67n AWR (de oude inkeerregeling) aangescherpt. Het toepassen van de nieuwe inkeerregeling op de periode vóór de aanscherping leidt tot een zwaardere bestraffing dan op grond van de inkeerregeling ten tijde van de beboetbare feiten. Dit zou in strijd zijn met artikel 7 EVRM en 15 IBVPR. Volgens de rechtbank is dit alleen het geval als er zou zijn ingekeerd vóór de aanscherping van de inkeerregeling. 

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief