door de broer en zus is later bij de notaris de nalatenschap beneficiair aanvaard. een schuldeiser van moeder had een oninbare vordering van ruim € 11.000 en stelde dat er door het etentje sprake was van zuivere aanvaarding. het hof gaf de schuldeiser gelijk, maar de hoge raad oordeelde anders. op grond van oud erfrecht (artikel 1095 (oud) bw) werd ‘al hetgeen betrekking heeft op de begrafenis’ niet aangemerkt als daden van zuivere aanvaarding. omdat het in casu redelijk is dat partijen bij elkaar kwamen om een zo’n goed mogelijke begrafenis te regelen, broer en zus ver weg woonden van het huis van moeder, er geen of onvoldoende eten in de koelkast was en de kosten van het etentje niet te hoog waren, was de hoge raad van mening dat de met de pinpas betaalde kosten zijn aan te merken als in redelijkheid te maken kosten voor de uitvaart. en die mogen met voorrang van de rekening van moeder betaald worden. de schuldeiser viste hier naast het net.