belanghebbende verricht reclamediensten voor zwitserse bedrijven en heeft bij haar facturering geen omzetbelasting in rekening gebracht. in 2005 is een boekenonderzoek ingesteld en in januari 2006 is het voornemen om een naheffingsaanslag omzetbelasting op te leggen besproken met belanghebbende. nadat zij een groot aantal vragen heeft beantwoord en veel informatie heeft verstrekt, ontvangt belanghebbende van de belastingdienst een mededeling dat de verrichte diensten in nederland plaatsvinden, met op een bijlage een cijfermatig overzicht van de alsnog verschuldigde omzetbelasting.

schending verdedigingsbeginsel
als de naheffingsaanslag van ruim € 10 miljoen wordt opgelegd, stelt belanghebbende terecht dat het verdedigingsbeginsel is geschonden. dat beginsel houdt kortgezegd in dat de inspecteur die voornemens is een naheffingsaanslag omzetbelasting op te leggen, de belastingplichtige daar tijdig en expliciet over moet informeren. daarbij moet hij alle elementen die hij aan die naheffingsaanslag ten grondslag wil leggen voldoende nauwkeurig vermelden. maar bovendien moet hij de belastingplichtige expliciet en tijdig uitnodigen om zijn standpunten over de naheffingsaanslag kenbaar te maken. en dat is hier met de alleen genoemde mededeling niet gebeurd. omdat tussen partijen niet in geschil was dat het besluit van de inspecteur anders zou zijn geweest, moet de naheffingsaanslag worden vernietigd. aldus de hoge raad.

tip
je hebt het recht om te weten waar je aan toe bent en ook om te worden gehoord over het voornemen van de inspecteur om aan jou een navorderings- of naheffingsaanslag op te leggen. ook heb je het recht om jouw visie te geven voordat de inspecteur beslist over het opleggen van de aanslag. ben je te laat of onvoldoende gehoord en zou de beslissing mogelijk anders zijn uitgevallen als je wel voldoende op tijd was gehoord? dan kan de aanslag niet in stand blijven.

Altijd op de hoogte zijn van de laatste ontwikkelingen op jouw vakgebied?
Schrijf je dan nu in voor onze e-mail nieuwsbrief