voor onderhanden projecten (rjk b5.3) geldt dat de opbrengsten van projecten als netto-omzet moeten worden gepresenteerd in plaats van als ‘mutatie onderhanden projecten’.
let op: ook de presentatie op de balans van onderhanden projecten wordt gewijzigd. per project moet nu worden bepaald of dit een debet- of een creditstand vertoont. vervolgens moet dit overeenkomstig worden verwerkt in de jaarrekening als actief respectievelijk verplichting. saldering van projecten met een debetstand met projecten met een creditstand tot één bedrag is dus niet meer toegestaan.