Hof Amsterdam stelt dat de werkgever invloed heeft op deze voorwaarde, waardoor er geen sprake is van een objectieve voorwaarde. Is daarmee de ontbindende voorwaarde onder de Wwz voorbij? Dat lijkt niet het geval te zijn.
Commentaar
Terecht zijn destijds al direct vraagtekens gezet bij deze uitspraak van de kantonrechter. Het is voor de producent van een theaterproductie bij de start lastig in te schatten of de productie voldoende geld in het laatje brengt. De toeschouwersaantallen vielen hier fors tegen, waardoor het niet mogelijk bleek om nog langer rendabel te opereren. Het beroep op de ontbindende voorwaarde in de betreffende arbeidsovereenkomsten vond de rechtbank dan ook mogelijk. Daar stond het belang van de werknemers tegenover; zij konden van het ene op het andere moment hun arbeidscontract inleveren, terwijl zij zich voor langere tijd aan dit project hadden gebonden.
Geen keuzemogelijkheid
Een beroep op een ontbindende voorwaarde is alleen mogelijk als de werkgever geen keuzemogelijkheid heeft. De werkgever mag geen invloed kunnen uitoefenen op het inroepen van de ontbindende voorwaarde. Dat was in de Musical Sky-zaak echter wel het geval. Het is een ondernemersrisico dat de omzet weleens flink kan tegenvallen. De werkgever woog hier echter zelf de belangen af, terwijl een dergelijke afweging onder de normale regels van het ontslagrecht valt, waarbij de rechter/UWV een preventieve toetsing moet verrichten.
Ontbindende voorwaarde niet langer toegestaan?
Betekent dit dat – nu er voor het eerst onder de Wwz een belangrijke beslissing is genomen over een ontbindende voorwaarde – dit niet langer is toegestaan? Dit lijkt niet het geval. Deze uitspraak bevestigt feitelijk de al langer heersende opvatting over de ontbindende voorwaarde – die ook in andere situaties in het arbeidsrecht zijn belang heeft.